Nederlands · Leerjaar 4
Werkwoorden in de verleden tijd oefenen
Wanneer -te(n) en wanneer -de(n)? Deze 5 vragen zijn gratis en hebben geen account nodig.
Vraag 1
Vul aan: Gisteren ... hij hard. (werken)
Vraag 2
Vul aan: Wij ... naar de radio. (luisteren)
Vraag 3
Vul aan: Zij ... het lied uit het hoofd. (leren)
Vraag 4
Vul aan: Ik ... de deur. (openen)
Vraag 5
Vul aan: Hij ... het raam. (wassen)
Verder oefenen?
Maak een gratis account en krijg het volledige leerpad: honderden oefeningen, XP, badges en een overzicht voor ouders. 7 dagen gratis, zonder kaartgegevens.
7 dagen gratis proberen